Uitspraak
RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[eiser] , eiser,
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
www.rechtspraak.nl.
Rechtbank Den Haag
Eiser, een Libische vreemdeling, heeft beroep ingesteld tegen het voortduren van de maatregel van bewaring die op 24 september 2025 is opgelegd. Hij betoogt dat er geen zicht is op uitzetting binnen een redelijke termijn vanwege het ontbreken van een laissez-passer van de Libische en Tunesische autoriteiten, en dat de maatregel onrechtmatig is vanwege zijn persoonlijke omstandigheden, waaronder zijn seksuele gerichtheid en de omstandigheden in het detentiecentrum.
De rechtbank verwijst naar eerdere uitspraken waarin de rechtmatigheid van de maatregel tot 28 januari 2026 is bevestigd. Sindsdien is er geen nieuwe informatie die het zicht op uitzetting wegneemt. De rechtbank stelt dat eiser onvoldoende meewerkt aan zijn uitzetting, met name door niet te verschijnen voor de verplichte presentatie bij de Libische autoriteiten.
Verder oordeelt de rechtbank dat de belangenafweging en motivering van de maatregel adequaat zijn, dat het detentiecentrum voldoet aan de wettelijke eisen en dat de medische zorg toereikend is. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen. Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling.
Uitkomst: Het beroep tegen het voortduren van de maatregel van bewaring wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.