ECLI:NL:RBDHA:2026:8813
Rechtbank Den Haag
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep niet-ontvankelijk wegens te vroege ingebrekestelling bij niet-tijdig beslissen asielaanvraag
Eiser heeft op 8 december 2023 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel ingediend. Hij stelde de minister op 22 juli 2025 in gebreke omdat er nog geen beslissing was genomen. De minister stelde dat de beslistermijn was verlengd vanwege het Syrië-moratorium en het Dublinonderzoek.
De rechtbank oordeelde dat de beslistermijn van zes maanden begon te lopen vanaf 9 februari 2024, na afronding van het Dublinonderzoek. Door het moratorium op asielaanvragen uit Syrië werd deze termijn met één jaar verlengd, waardoor de minister uiterlijk op 9 augustus 2025 moest beslissen.
Omdat de ingebrekestelling van eiser op 22 juli 2025 werd gedaan, vóór het verstrijken van de beslistermijn, is het beroep niet-ontvankelijk verklaard. De rechtbank vond een zitting niet nodig en wees het beroep af zonder inhoudelijke behandeling.
Er is geen aanleiding voor een proceskostenveroordeling. Eiser kan binnen vier weken hoger beroep instellen bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard omdat de ingebrekestelling te vroeg is ingediend.