AI samenvatting door Lexboost • Automatisch gegenereerd
Rechtbank Den Haag verklaart beroep gegrond wegens niet tijdig beslissen op asielaanvraag Soedanese vreemdeling
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag van 17 juni 2023. De rechtbank heeft het beroep zonder zitting behandeld omdat partijen geen zitting wensten.
De rechtbank oordeelt dat het Besluit- en Vertrekmoratorium (BVM) voor Soedanese vreemdelingen, dat de beslistermijn opschort, onrechtmatig is gelet op een arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie. De opschorting van de beslistermijn liep van 28 juni 2023 tot 9 juli 2024, waarna de resterende beslistermijn van zes maanden minus elf dagen opnieuw ging lopen.
De minister heeft niet binnen de wettelijke termijn beslist, ondanks ingebrekestelling door eiser. De rechtbank legt daarom een nieuwe beslistermijn van acht weken op, ingaande de dag na de uitspraak, en stelt een dwangsom van €100 per dag met een maximum van €15.000 vast. Tevens worden de proceskosten van eiser van €467 toegewezen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt de minister een beslistermijn van acht weken met dwangsom op voor het alsnog beslissen op de asielaanvraag.
Voetnoten
1.Artikel 8:57, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)
2.Besluit van 26 januari 2023, nummer WBV 2023/3, houdende wijziging van de Vreemdelingencirculaire 2000, Stcrt. 2023, 3235.
4.ECLI:EU:C:2025:326, alsmede de conclusie van de advocaat-generaal: ECLI:EU:C:2024:1028.
5.Artikel 42, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw).
6.Besluit van 28 juni 2023 tot het instellen van een besluitmoratorium en een vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Sudan (
7.Besluit van 19 december 2023 tot het verlengen van het besluitmoratorium en een vertrekmoratorium voor vreemdelingen afkomstig uit Sudan (
9.Artikel 6:12, tweede lid aanhef en onder b, van de Awb.
10.Artikel 8:72, vierde lid, aanhef en onder b, van de Awb.
12.Artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn.
14.Artikel 8:55d, tweede lid, van de Awb.
15.Op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door de gemachtigde verleende rechtsbijstand, waarbij 1 punt is gerekend voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 934,- en een wegingsfactor van 0,5.