Eiseres, een vennootschap onder firma, bracht in 2006/2007 de volledige voorbelasting van een woning in aftrek, die zij zakelijk geëtiketteerd had. De woning werd vanaf 2007 zowel privé als zakelijk gebruikt. Na een bezwaarprocedure tegen de teruggaaf van omzetbelasting over het vierde kwartaal van 2015, waarbij rekening werd gehouden met privégebruik, stelde eiseres dat het arrest van de Hoge Raad van 30 oktober 2015 leidde tot een andere beoordeling.
De rechtbank oordeelt dat het arrest van de Hoge Raad betrekking heeft op een andere situatie, namelijk een maatschap met verschillende eigenaren, en niet op de situatie waarin de vennoten en eigenaren identiek zijn. De rechtbank bevestigt dat het arrest Charles en Charles-Tijmens van het Hof van Justitie van de EU uit 2005 leidend is, dat volledige aftrek van voorbelasting is toegestaan als het goed volledig voor de onderneming wordt bestemd.
De rechtbank concludeert dat eiseres terecht de woning volledig zakelijk heeft geëtiketteerd en dat het privégebruik als een belaste dienst moet worden aangemerkt. De toetreding van een nieuwe vennoot na het moment van ingebruikneming verandert hier niets aan. Het beroep wordt ongegrond verklaard en er wordt geen proceskostenveroordeling uitgesproken.