ECLI:NL:RBGEL:2022:392
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank verklaart zich onbevoegd en vernietigt besluit terugvordering lening inburgering
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 11 januari 2021 waarbij zijn bezwaar tegen het besluit van 19 juni 2020 over de terugbetaling van een lening voor inburgering niet-ontvankelijk dan wel ongegrond werd verklaard. De rechtbank oordeelt dat het beroep mede betrekking heeft op het besluit van 18 februari 2020, waarin de boete en terugvordering van de lening werden vastgesteld.
De rechtbank stelt vast dat tegen het besluit van 18 februari 2020 eerst bezwaar had moeten worden gemaakt, waardoor zij zich onbevoegd verklaart kennis te nemen van het beroep tegen dat besluit. Het beroepschrift wordt aan verweerder teruggezonden ter behandeling als bezwaarschrift.
Verder oordeelt de rechtbank dat het bestreden besluit van 11 januari 2021 in strijd is met de artikelen 3:2 en 7:12 van de Awb, omdat verweerder geen onderzoek heeft gedaan naar het draagkrachtverweer van eiser en onvoldoende heeft gemotiveerd waarom het bedrag van de terugvordering niet is aangepast. Daarom wordt het bestreden besluit vernietigd en wordt verweerder opgedragen een nieuw besluit op bezwaar te nemen.
Tot slot veroordeelt de rechtbank verweerder tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van eiser.
Uitkomst: Rechtbank verklaart zich onbevoegd voor beroep tegen besluit van 18 februari 2020 en vernietigt het bestreden besluit van 11 januari 2021.