Uitspraak
1.De procedure
2.De feiten
betrokken. De Hoge Raad spreekt niet over
aftrekken. In dit geval is er geen reden de transitievergoeding bij de bepaling van de billijke vergoeding zodanig te betrekken, daargelaten dat de Hoge Raad niet heeft toegelicht op welke wijze dat betrekken zou moeten plaatsvinden. Wat daar van zij; de aan [verwerende partij] toekomende transitievergoeding is zodanig beperkt dat aannemelijk is dat zij deze geheel of grotendeels nodig heeft voor zogenoemde transitiekosten en geen substantieel deel zal resteren dat gezien kan worden als vergoeding voor de gevolgen van het ontslag, voor zover daarmee al uitsluitend de materiële gevolgen door de wetgever zijn bedoeld.