ECLI:NL:RBGEL:2023:4950
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Herwaardering woningwaarde en verlaging aanslag onroerendezaakbelasting na bouwkundige gebreken
Belanghebbende maakte bezwaar tegen de WOZ-waarde van zijn woning, die door de heffingsambtenaar was vastgesteld op €1.062.000 en na bezwaar verlaagd naar €965.000. De rechtbank beoordeelde of deze waarde correct was vastgesteld, waarbij de heffingsambtenaar een taxatierapport overlegde ter onderbouwing van de waarde.
De rechtbank oordeelde dat de heffingsambtenaar onvoldoende aannemelijk had gemaakt dat bij de waardering voldoende rekening was gehouden met bouwkundige problemen zoals lekkage in de serre, vochtdoorslag en houtworm. Ook bleek uit de gebruikte correcties niet dat deze gebreken waren verdisconteerd. Belanghebbende stelde een lagere waarde van €899.000 voor, maar kon dit niet onderbouwen met een taxatierapport.
Omdat geen van beide partijen een voldoende onderbouwde waarde presenteerde, stelde de rechtbank de waarde schattenderwijs vast op €935.000. De aanslag onroerendezaakbelasting werd dienovereenkomstig verlaagd. Daarnaast werd een vergoeding van €500 toegekend wegens overschrijding van de redelijke termijn en een proceskostenvergoeding van €1.674 aan belanghebbende toegekend. Het griffierecht werd eveneens vergoed.
Uitkomst: De WOZ-waarde van de woning wordt vastgesteld op €935.000 en de aanslag onroerendezaakbelasting dienovereenkomstig verlaagd.