ECLI:NL:RBGEL:2026:2188
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing WIA-uitkering wegens minder dan 35% arbeidsongeschiktheid en rechtmatigheid verrekening voorschot met WW-uitkering
Eiseres heeft een aanvraag ingediend voor een WIA-uitkering, die door het UWV is afgewezen omdat zij minder dan 35% arbeidsongeschikt werd geacht. Het UWV heeft vervolgens de WW-uitkering voortgezet en het ten onrechte ontvangen voorschot op de WIA-uitkering verrekend met de WW-uitkering, waarbij het restant is kwijtgescholden.
De rechtbank stelt vast dat het medisch en arbeidsdeskundig onderzoek zorgvuldig is uitgevoerd en dat de beperkingen en arbeidsmogelijkheden van eiseres adequaat zijn beoordeeld. De arbeidsdeskundige heeft passende functies geduid die binnen de vastgestelde belastbaarheid passen, wat resulteert in een arbeidsongeschiktheidspercentage van 15,28%.
Eiseres betoogt dat onvoldoende rekening is gehouden met haar klachten en dat de functies niet passend zijn, maar de rechtbank volgt dit niet vanwege de onderbouwde rapportages en het ontbreken van aanvullende medische gegevens. Ook het beroep op het gelijkheidsbeginsel en het eigendomsrecht faalt, omdat het UWV volgens het Afwegingskader en de wet correct heeft gehandeld.
De rechtbank concludeert dat het UWV terecht heeft besloten geen WIA-uitkering toe te kennen, de WW-uitkering mocht voortzetten en het voorschot mocht verrekenen. Het beroep wordt ongegrond verklaard en eiseres krijgt geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar WIA-uitkering is ongegrond verklaard en het UWV mocht het voorschot verrekenen met de WW-uitkering.