ECLI:NL:RBGEL:2026:2261
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling beslaglegging op AOW-pensioen door Sociale Verzekeringsbank
Eiser ontvangt sinds september 2009 een AOW-pensioen en is het niet eens met de inhouding van een bedrag op zijn pensioen vanwege een beslaglegging door de Belastingsamenwerking Rivierenland (BSR). De SVB heeft het beslag verwerkt en uitgevoerd conform de door de beslagleggers opgegeven beslagvrije voet. Eiser betoogt dat het beslag onrechtmatig is, dat er is voorgedrongen en dat de beslagvrije voet onjuist is vastgesteld.
De rechtbank stelt vast dat de beoordeling van de rechtmatigheid van het beslag bij de burgerlijke rechter ligt en dat zij als bestuursrechter alleen kan toetsen of de SVB binnen de kaders van het beslag is gebleven. De SVB heeft de beslagvrije voet correct toegepast en is niet buiten de kaders van het beslag getreden.
Daarom verklaart de rechtbank het beroep ongegrond, krijgt eiser geen gelijk en worden zijn proceskosten niet vergoed. De SVB heeft het beslag op correcte wijze uitgevoerd en het bestreden besluit blijft in stand.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de SVB het beslag op het AOW-pensioen binnen de kaders heeft uitgevoerd.