ECLI:NL:RBGEL:2026:979
Rechtbank Gelderland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing aanvraag bijstand wegens overschrijding vermogensgrens zonder zeer dringende redenen
Eiser heeft een aanvraag om bijstand op grond van de Participatiewet ingediend, welke door het college van burgemeester en wethouders van Apeldoorn is afgewezen vanwege overschrijding van de vermogensgrens van €7.770. Eiser voerde aan dat er zeer dringende redenen zijn die bijstand toch rechtvaardigen, vanwege zijn medische situatie en gebrek aan vast verblijfadres.
De rechtbank stelt vast dat eiser op het moment van het besluit over €88.503,39 aan vermogen beschikte, ruim boven de wettelijke grens. De rechtbank toetst of er sprake is van een acute noodsituatie die het verlenen van bijstand onvermijdelijk maakt. Uit medische stukken en de zitting blijkt dat eiser niet in een acute noodsituatie verkeert, maar hooguit een mogelijke toekomstige verslechtering van zijn gezondheid verwacht.
Daarnaast heeft eiser niet aannemelijk gemaakt dat hij niet op andere wijze in zijn levensonderhoud kan voorzien, bijvoorbeeld door werk op lager niveau. De rechtbank volgt de vaste rechtspraak dat de vermogensgrens een harde grens is zonder ruimte voor belangenafweging. Het beroep wordt ongegrond verklaard en het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de afwijzing van de bijstandsaanvraag wordt ongegrond verklaard vanwege overschrijding van de vermogensgrens en het ontbreken van zeer dringende redenen.