ECLI:NL:RBHAA:2010:BM8557
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling kansspelbelasting op exploitatie kansspelautomaten en rechtmatigheid wetswijziging
Eiseres, exploitant van kansspelautomaten, betwist de heffing van kansspelbelasting over het tijdvak juli 2008. Zij voert aan dat de Wet op de kansspelbelasting (Wet KSB) geen duidelijk belastbaar feit bevat, dat de maatstaf van heffing ontbreekt, dat de belasting een verboden verkapte btw is en dat de heffing in strijd is met artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het EVRM.
De rechtbank overweegt dat de Wet KSB wel degelijk een duidelijk belastbaar feit bevat, namelijk het exploiteren van een kansspelautomaat zoals omschreven in artikel 1 van Pro de Wet KSB en artikel 30h van de Wet op de kansspelen. De maatstaf van heffing is volgens de rechtbank aanwezig en sluit aan bij de wettelijke tekst en parlementaire geschiedenis.
Verder oordeelt de rechtbank dat de kansspelbelasting geen btw is en niet verboden wordt door artikel 401 van Pro de Btw-richtlijn. De belasting is een bijzondere heffing die slechts binnen één bedrijfstak wordt geheven en geen algemene verbruiksbelasting is. Ook is er geen sprake van dubbele heffing.
Ten aanzien van het EVRM concludeert de rechtbank dat de belastingheffing een regulering van eigendom betreft die in overeenstemming is met de nationale wetgeving, een legitiem algemeen belang dient en niet leidt tot een individuele en buitensporige last. De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en veroordeelt eiseres niet tot proceskosten.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de kansspelbelasting wordt ongegrond verklaard.