ECLI:NL:RBHAA:2010:BN3215
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.H. Hoekstra
- A.A. Fase
- A. van Dongen
- Rechtspraak.nl
Onderverhuurd deel pand behoort tot ondernemingsvermogen en boete verminderd
Eiser, die een onderneming dreef in de vorm van een vennootschap onder firma, huurde een pand waarvan hij een deel onderverhuurde. De Belastingdienst legde een navorderingsaanslag en een vergrijpboete op omdat de huuropbrengsten niet als winst uit onderneming waren opgegeven.
Eiser stelde dat het onderverhuurde deel van het pand tot zijn privévermogen behoorde en dat de huuropbrengsten als inkomsten uit sparen en beleggen moesten worden aangemerkt. De rechtbank oordeelde dat het gehele pand, inclusief het onderverhuurde deel, tot het ondernemingsvermogen behoorde omdat het pand als één object werd gehuurd en de onderverhuur in samenhang met de onderneming stond.
De rechtbank verwierp het beroep op het realiteitsbeginsel en de foutenleer om het onderverhuurde deel alsnog tot privévermogen te rekenen. Daarnaast werd de vergrijpboete verminderd van 50% naar 22,5% vanwege de omstandigheden en overschrijding van de redelijke termijn.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar voor zover deze de boete betrof, en veroordeelde de Belastingdienst tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: Het onderverhuurde deel van het pand behoort tot het ondernemingsvermogen en de vergrijpboete wordt verminderd tot 22,5%.