ECLI:NL:RBHAA:2012:BW9675
Rechtbank Haarlem
- Eerste aanleg - meervoudig
- R.H.M. Bruin
- M.H.L.C. Bijvoet
- M.C. van As
- Rechtspraak.nl
Beoordeling terugwerkende kracht verlaging overdrachtsbelasting en gelijkheidsbeginsel
Eiser verkreeg op 14 juni 2011 de eigendom van een appartementsrecht en betaalde overdrachtsbelasting tegen het tarief van 6%. Kort daarna werd het tarief voor woningen verlaagd van 6% naar 2% met terugwerkende kracht tot 15 juni 2011. Eiser stelde dat hij ongelijk werd behandeld ten opzichte van belastingplichtigen die hun woning op of na 15 juni 2011 maar vóór 1 juli 2011 verkregen, en betwistte de beperking van de terugwerkende kracht.
De rechtbank stelde vast dat gevallen van levering kort voor 15 juni 2011 gelijk zijn aan die na 15 juni en vóór 1 juli 2011, omdat in alle gevallen de wetswijziging voorafgaand aan de levering niet was aangekondigd. De rechtbank overwoog dat de wetgever een ruime beoordelingsvrijheid heeft bij het bepalen van de ingangsdatum van een lastenverlichting, ook met terugwerkende kracht.
Verder concludeerde de rechtbank dat de keuze van de wetgever om de terugwerkende kracht te beperken tot 15 juni 2011 niet van redelijke grond ontbloot is, mede gezien de aangekondigde Woonvisie en de ontstane verwachtingen over een tariefsverlaging. Het feit dat de persconferentie pas op 17 juni plaatsvond, was onvoldoende om de keuze aan te merken als onaanvaardbaar.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en bevestigde dat de overdrachtsbelasting over de levering op 14 juni 2011 terecht tegen 6% was vastgesteld. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bevestigt dat de overdrachtsbelasting over de levering op 14 juni 2011 terecht tegen 6% is vastgesteld.