ECLI:NL:RBLEE:2006:AZ2064
Rechtbank Leeuwarden
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rente over geldlening niet aan te merken als verlies uit onderneming of negatief resultaat uit overige werkzaamheden
Eiser begon in 1995 een eenmanszaak voor het produceren van geïllustreerd drukwerk en advertenties, maar staakte de onderneming medio 1998 vanwege slechte resultaten. Hij sloot een geldlening af bij de SNS-bank, deels voor privégebruik en deels voor zakelijke schulden. In zijn aangifte over 2002 bracht hij rente over deze lening deels in mindering als negatief resultaat uit overige werkzaamheden.
Verweerder nam deze rente niet in aanmerking bij de aanslag inkomstenbelasting en premie volksverzekeringen (IB/PVV) 2002, waarop eiser bezwaar maakte en vervolgens beroep instelde. De rechtbank beoordeelde of de rente over de lening kon worden toegerekend aan de onderneming of als negatief resultaat uit overige werkzaamheden.
De rechtbank oordeelde dat het deel van de lening dat niet eigenwoningschuld was, was overgegaan naar het privévermogen bij staking van de onderneming en dat er geen aannemelijke onzekerheden waren die dit anders maakten. De rente over dit deel kon dus niet als ondernemingsverlies worden aangemerkt. Ook de subsidiaire stelling dat de lening samenhing met het ter beschikking stellen van privévermogen aan de onderneming werd verworpen.
De rechtbank concludeerde dat de rente over het zakelijke deel van de lening niet in aanmerking kon worden genomen bij het bepalen van het inkomen uit werk en woning en verklaarde het beroep ongegrond. Een proceskostenveroordeling werd niet opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en neemt de rente over de geldlening niet in aanmerking als verlies uit onderneming of negatief resultaat uit overige werkzaamheden.