ECLI:NL:RBLIM:2021:4991
Rechtbank Limburg
- Rekestprocedure
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering onttrekking aan het verkeer bestelauto met verborgen ruimte wegens ontbreken relatie strafbaar feit
De officier van justitie vorderde op grond van artikel 552f Sv de onttrekking aan het verkeer van een in beslag genomen bestelauto met een professioneel aangebrachte verborgen ruimte. De bestelauto werd op 7 april 2021 in Maastricht in beslag genomen na een controle waarbij de verborgen ruimte werd ontdekt. Volgens het OM duidt de aanwezigheid van een dergelijke verborgen ruimte op een voertuig dat bestemd is om goederen aan ambtelijk toezicht te onttrekken en derhalve kan worden gebruikt voor strafbare feiten.
De belanghebbende voerde aan dat het vervelend zou zijn voor de eigenaar als het voertuig zou worden kwijtgeraakt. De rechtbank oordeelde dat onttrekking aan het verkeer slechts kan worden opgelegd indien er een relatie is tussen het voorwerp en een strafbaar feit. In deze zaak was niet gebleken dat de bestelauto met verborgen ruimte daadwerkelijk was gebruikt voor strafbare feiten. Het enkele feit dat de verborgen ruimte voor criminele doeleinden gebruikt zou kunnen worden, is onvoldoende.
De rechtbank verwees tevens naar artikel 1:37 van Pro de Algemene Douanewet, dat een regeling biedt voor voertuigen met verborgen ruimtes, waarbij inbeslagname en verval aan de staat mogelijk is zonder strafrechtelijke procedure. Omdat de officier van justitie niet had toegelicht waarom deze procedure niet geschikt zou zijn, en de vereiste relatie met een strafbaar feit ontbrak, werd de vordering afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot onttrekking aan het verkeer af wegens het ontbreken van een relatie met een strafbaar feit.