Uitspraak
RECHTBANK limburg
uitspraak van de meervoudige kamer van 20 april 2022 in de zaak tussen
Stichting Ronald McDonald Huis te Zwolle, eiseres
Procesverloop
Overwegingen
1.944 m². De grondoppervlakte is 13.150 m².
Geschil
22 september 2020 opgemaakt taxatierapport van [naam taxateur 1] en [naam taxateur 4] van Phydias B.V. Het standpunt van eiseres is op basis van dit taxatierapport gebaseerd op de volgende uitgangspunten.
€ 372.000,- en 12.100m² x € 11,- = € 133.100,-). De totale grondwaarde is volgens eiseres
€ 530.845,-.
€ 3.210.801,- (inclusief BTW).
€ 921.000,-. De taxateur heeft aansluiting gezocht bij de door verweerder in zijn taxatieverslag gehanteerde correctie.
De rechtbank overweegt dat bij de vast te stellen vervangingswaarde van de grond beoordeeld moet worden welke prijs de eigenaar van de grond zou moeten betalen om de grond in eigendom te verwerven die voor hem eenzelfde nut oplevert als de onderhavige grond. Deze vervangingswaarde van de grond wordt bepaald door rekening te houden met de locatie, de grootte en de bestemming van de grond. De uitgifteprijs van de gemeente kan hierbij een goede indicatie zijn, mits het gronduitgiftebeleid een realistische afspiegeling is van de waarde in het economische verkeer van die gronden en van qua grootte, bestemming en locatie vergelijkbare grondtransacties, indien althans dergelijke marktgegevens van vergelijkbare transacties (in de gemeente of de regio) voorhanden zijn.
De rechtbank stelt vast dat eiseres uit gaat van een basiskavel van 4.650 m² x € 80,- inclusief BTW en restgrond 12.100 m² x € 11,- inclusief BTW. Dit heeft eiseres overgenomen van het taxatieverslag van verweerder. Verweerder gaat in de beroepsfase, na een nieuwe meting, uit van een basiskavel van 4.860 m² x € 80,- inclusief BTW en restgrond van 8.290 m² x € 11,- inclusief BTW.
De rechtbank overweegt dat alleen eiseres in haar taxatie een correctie voor functionele veroudering (van in totaal € 921.000,-) heeft toegepast. In haar taxatierapport wordt gesteld dat die correctie overgenomen is van het taxatieverslag van verweerder.
De vraag of verweerder terecht de onroerende zaak als niet-woning heeft aangemerkt, beantwoordt de rechtbank ontkennend. Zij legt dat hierna uit.
Het bestemmingscriterium moet volgens de Hoge Raad worden gehanteerd bij de – bij deze beoordeling niet aan de orde zijnde – aanwijzing van woongedeelten van een onroerende zaak die als geheel niet als woning kan worden aangemerkt (de woondelenvrijstelling van artikel 220e van de Gemeentewet). [12]
20 maart 2020, met de ontvangst van het bezwaarschrift. De rechtbank had uitspraak moeten doen op 20 maart 2022. Van bijzondere omstandigheden is niet gebleken. Gelet op de datum van deze uitspraak is de redelijke termijn overschreden met een maand. Daarmee correspondeert een vergoeding van immateriële schade van € 500,-. De overschrijding is geheel aan verweerder toe te rekenen, zodat de vergoeding geheel ten laste van verweerder wordt uitgesproken.
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 20 april 2022. .