Uitspraak
RECHTBANK limburg
[naam] , te [woonplaats] , verzoekster
Procesverloop
Overwegingen
Beslissing
.De beslissing is in het openbaar uitgesproken op 9 september 2022.
Rechtbank Limburg
Verzoekster, eigenaresse van een agrarisch perceel, kreeg een last onder dwangsom opgelegd wegens het stallen van een toercaravan en diverse aanhangers zonder de vereiste omgevingsvergunning en in strijd met het bestemmingsplan. Zij maakte bezwaar tegen dit besluit en vroeg om een voorlopige voorziening.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het bestuursorgaan bevoegd was tot handhaving en dat het verzoekster niet werd belemmerd in haar recht op toegang tot de rechter. Er was een voldoende spoedeisend belang aanwezig vanwege de aard van de overtredingen en de begunstigingstermijn.
Verzoeksters stellingen dat het besluit in strijd is met EU-regelgeving, het discriminatieverbod en het eigendomsrecht werden verworpen. Het algemeen belang rechtvaardigt de beperkingen die het bestemmingsplan en de vergunningplicht stellen. Ook het ontbreken van een motivering van de hoogte van de dwangsom was geen reden voor een voorlopige voorziening, omdat dit in bezwaar kan worden hersteld.
De voorzieningenrechter concludeerde dat geen bijzondere omstandigheden bestonden om af te zien van handhaving en wees het verzoek om voorlopige voorziening af.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen de last onder dwangsom wordt afgewezen en handhaving wordt voortgezet.