Uitspraak
RECHTBANK LIMBURG
1.Onderzoek van de zaak
2.De tenlastelegging
3.De beoordeling van het bewijs
gedraging(het verwijt onder 1⁰: het werven, vervoeren, overbrengen, huisvesten of opnemen, met inbegrip van het wisselen of overdragen van de controle over die ander). Het verwijt onder 4⁰ betreft het zich beschikbaar laten stellen van mensen voor het verrichten van arbeid of diensten. Onder 6⁰ gaat het om het opzettelijk voordeel trekken uit uitbuiting en onder 9⁰ over het zich laten bevoordelen uit de opbrengst van prostitutiewerkzaamheden.
dwangmiddel. Een van de dwangmiddelen die in dit artikel genoemd staat betreft het misbruik maken van de kwetsbare positie van een ander. De instemming van het slachtoffer met de beoogde of bestaande uitbuiting is niet relevant, indien een van de in art. 273f Sr genoemde dwangmiddelen is gebruikt.
uitbuiting.
4.De strafbaarheid van het bewezenverklaarde
mensenhandel, meermalen gepleegd
mensensmokkel, meermalen gepleegd
5.De strafbaarheid van de verdachte
6.De straf en/of de maatregel
7.De benadeelde partijen en de schadevergoedingsmaatregel
8.De wettelijke voorschriften
9.De beslissing
- verklaart het tenlastegelegde bewezen zoals hierboven onder 3.4 is omschreven;
- spreekt de verdachte vrij van wat meer of anders is ten laste gelegd;
- verklaart dat het bewezenverklaarde de strafbare feiten oplevert zoals hierboven onder 4 is omschreven;
- verklaart de verdachte strafbaar;
- veroordeelt de verdachte voor de feiten 2 en 5 tot een
- beveelt dat de tijd die door de veroordeelde vóór de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in
- bepaalt dat het voorwaardelijke gedeelte van de straf niet ten uitvoer zal worden gelegd, tenzij de rechter later anders mocht gelasten, omdat de veroordeelde voor het einde van een
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 2] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding;
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 2] in de kosten van de verdachte, ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot heden begroot op nihil.
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 3] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding;
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 3] in de kosten van de verdachte, ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot heden begroot op nihil.
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 1] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding;
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 1] in de kosten van de verdachte, ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot heden begroot op nihil.
- verklaart de benadeelde partij [slachtoffer 4] niet-ontvankelijk in de vordering tot schadevergoeding;
- veroordeelt de benadeelde partij [slachtoffer 4] in de kosten van de verdachte, ter verdediging tegen de vordering gemaakt, tot heden begroot op nihil;
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 4] van een bedrag van
- bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,
- legt aan de verdachte de verplichting op tot betaling aan de Staat ten behoeve van het slachtoffer [slachtoffer 8] van een bedrag van
- bepaalt dat, indien volledig verhaal niet mogelijk blijkt,