Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
kantonrechter
wonende te [woonplaats] ,
verzoekster, hierna ook te noemen: [verzoekster] ,
gemachtigde mr. A.F. Bungener
[belanghebbende] BV,
gevestigd te [vestigingsplaats] ,
belanghebbende, hierna ook te noemen: [belanghebbende] ,
gemachtigde mr. J.W.L. Vader.
1.Het verloop van de procedure
2.De feiten
Stemming, [B] stemt namens Lavide N.V. in met het ontslag en bekrachtigt de eerdere schorsingen.
Gegeven de notulen van de bava van vandaag, bent u vanaf vandaag met onmiddellijke ingang als statutair bestuurder ontslagen voor zover daarvan sprake is c.q. zou zijn. En met dit ontslag zou dan ook automatisch een einde komen aan uw arbeidsrechtelijke dienstbetrekking met de vennootschap, althans voor zover een en ander niet rechtstreeks uit het ontslagbesluit voortvloeit. Door middel van deze brief/e-mail, deel ik u mede dat uw arbeidsovereenkomst met [belanghebbende] B.V., voor zover van toepassing, heden wordt opgezegd, en met inachtneming van de wettelijke opzegtermijn komt uw dienstbetrekking alsdan op 31 maart 2018 tot een einde.”
3.Het verzoek
4.Het verweer
5.De tegenverzoeken
6.De beoordeling
ófop zijn verzoek aan hem ten laste van de werkgever een billijke vergoeding toekennen, indien de werkgever heeft opgezegd in strijd met artikel 7:671 BW Pro. [verzoekster] heeft primair de vernietiging van de opzegging verzocht. Dit verzoek zal worden toegewezen. Nu de arbeidsovereenkomst niet is geëindigd door de opzegging van 28 februari 2018 wordt aan de subsidiaire verzoeken van [verzoekster] , waaronder de billijke vergoeding, niet meer toegekomen.