Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
gedetineerd te Justitieel Complex Zaanstad te Westzaan.
1.ONDERZOEK TER TERECHTZITTING
2.TENLASTELEGGING
3.VOORVRAGEN
4.WAARDERING VAN HET BEWIJS
PGP-berichten voorafgaande aan 12 januari 2017
Wat was de bedoeling en wie was het beoogde doelwit?
Het gebruik van de verklaringen van getuige A
Opzet op de dood
Voorbereiding
PGP-berichten na het schietincident op 12 januari 2017
Broertje aub kyk of u jongens van u mee kan laten zoeken vandaag weg waar die ook is.”
praat ineens wat zachter toen hij over de Audi begon). [160]
- [medeverdachte 3] : [telefoonnummer]
- [medeverdachte 2] : [telefoonnummer]
- [G] : [telefoonnummer]
- [getuige 3] : [telefoonnummer]
Het beoogde doelwit
De criminele intentie
c).
5.BEWEZENVERKLARING
6.STRAFBAARHEID VAN DE FEITEN
7.STRAFBAARHEID VAN VERDACHTE
8.OPLEGGING VAN STRAF
De ernst van de strafbare feiten
9.BENADEELDE PARTIJ
De vorderingen van [benadeelde 1] en [benadeelde 2]
€ 3.275,85 +Totaal: € 384.710,85
€ 543,00 +
10.TOEPASSELIJKE WETTELIJKE VOORSCHRIFTEN
- 36f, 46, 47, 55, 57, 60a, 157, 289 en 417bis van het Wetboek van Strafrecht en
- 26 en 55 van de Wet wapens en munitie;
11.BESLISSING
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 1] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 12 januari 2017 voor een bedrag van
- verklaart [benadeelde 1] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 1] aan de Staat
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [benadeelde 3] van het toegewezen bedrag, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 17 januari 2017 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- veroordeelt verdachte ook in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op nihil;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [benadeelde 3] aan de Staat € 3.000 te betalen, vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 17 januari 2017 tot de dag van de volledige betaling, bij niet betaling aan te vullen met 40 dagen hechtenis;
- bepaalt dat verdachte van zijn verplichting tot het vergoeden van schade is bevrijd als hij en/of (een van) zijn mededader(s) op een van de hiervoor beschreven manieren de schade aan de benadeelde dan wel aan de Staat heeft vergoed;
- wijst de vordering van
- veroordeelt verdachte hoofdelijk tot betaling aan [slachtoffer 2] van het toegewezen bedrag, over een bedrag van € 7.500 (immateriële schade) vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 14 januari 2017 tot de dag van de algehele voldoening, met dien verstande dat indien en voor zover reeds door een ander/anderen (gedeeltelijk) is betaald, verdachte (in zoverre) van deze verplichting zal zijn bevrijd;
- verklaart [slachtoffer 2] voor wat betreft het meer gevorderde niet-ontvankelijk in de vordering en bepaalt dat de vordering voor dat deel kan worden aangebracht bij de burgerlijke rechter;
- veroordeelt verdachte ook hoofdelijk in de kosten door de benadeelde partij gemaakt en ten behoeve van de tenuitvoerlegging van deze uitspraak nog te maken, tot op heden begroot op € 543;
- legt verdachte de hoofdelijke verplichting op ten behoeve van [slachtoffer 2] aan de Staat