ECLI:NL:RBMNE:2020:2984
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- J. Nicholson
- Rechtspraak.nl
Beroep ongegrond tegen intrekking en terugvordering bijstandsuitkering wegens verblijf buitenland langer dan vier weken
Eiser ontving een bijstandsuitkering en meldde een verblijf in het buitenland (Marokko) van 1 tot 27 mei 2019. Verweerder trok de bijstand in per 29 mei 2019 omdat eiser langer dan de toegestane vier weken buiten Nederland verbleef en vorderde een bedrag van €77,98 terug. Eiser stelde dat er zeer dringende redenen waren vanwege de gezondheidssituatie van zijn echtgenote, maar kon dit niet aannemelijk maken.
De rechtbank stelde vast dat eiser inderdaad langer dan vier weken aaneengesloten buiten Nederland verbleef, waardoor het recht op bijstand verviel. De door eiser aangevoerde zeer dringende redenen werden niet erkend omdat de acute noodsituatie niet op hemzelf maar op zijn echtgenote betrekking had en onvoldoende bewijs werd geleverd dat dit zijn situatie rechtvaardigde.
Ook het argument dat verweerder niet benadeeld zou zijn vanwege de arbeidsmarktpositie van eiser werd verworpen omdat dit niet relevant is voor de beoordeling van het recht op bijstand. De rechtbank concludeerde dat het besluit tot intrekking en terugvordering terecht was en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de intrekking en terugvordering van de bijstandsuitkering wordt ongegrond verklaard.