Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 oktober 2021 in de zaak tussen
[eiseres] , te [woonplaats] , eiseres
Inleiding
- 3 uur praktische begeleiding (uurtarief € 39,-) en 2 uur specialistische begeleiding (uurtarief € 48,60) per week over de periode van 19 februari 2020 tot en met 31 juli 2020;
Overwegingen
“Inzet van begeleiding individueel: 6 uur p/w, per 19 februari, 6 maanden.
1 uur p/w
22 april 2020 informatie en toelichting heeft gegeven over haar aanvraag/ ondersteuningsbehoefte. Uit het ongedateerde stuk “Aanvullingen en opmerkingen bij verslag en voorstel door Wijkteam [wijkteam] ” [3] blijkt dat eiseres gemotiveerd heeft aangegeven waarom budgetbeheer onvoldoende steun biedt voor een stabiele financiële situatie en dat zij voor, tijdens en na de verhuizing naar [woonplaats] intensieve begeleiding van [A] nodig had.
In het voorstel van 8 mei 2020 is, voor zover hier relevant, het volgende vermeld:
“Samenvatting onderzoek en voorstel
Uit bovengenoemde tekst blijkt niet dat verweerder het stappenplan heeft gevolgd. In het primaire besluit is verder alleen geconstateerd dat eiseres inmiddels is verhuisd, dat de verhuiskosten onder de gemeente Zeist vallen en dat zij voor overige woonzaken, zoals onderhoud terecht kan bij de voorliggende voorziening van Indebuurt033. Over de financiën heeft verweerder overwogen dat eiseres voor budgetbeheer/financiële vraagstukken gebruik kan maken van Stadring 51 en dat er bij Indebuurt033 een sociaal-juridisch dienstverlener beschikbaar is die kan helpen met verschillende financiële vraagstukken/formulieren. Hiermee is verweerder niet ingegaan op wat eiseres in de brief van 19 februari 2020 en op
2. De hoogte van een PGB bedraagt niet meer dan het maximum van de kostprijs van de in de betreffende situatie goedkoopst passende bijdrage, tenzij de cliënt aantoont dat met het toe te kennen PGB de geïndiceerde maatwerkvoorziening niet kan worden ingekocht.
Conclusie
Beslissing
de rechter is niet in de gelegenheid om