Uitspraak
Inleiding
Waar is het besluit van verweerder op gebaseerd ?
Beoordeling door de rechtbank
rookwarenof spijzen voor directe consumptie worden bereid of verstrekt. Onder een horecabedrijf wordt in ieder geval verstaan: een hotel, restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar, discotheek, buurthuis of clubhuis. Onder horecabedrijf wordt tevens verstaan een bij dit bedrijf behorend terras en andere aanhorigheden;
een shishabar, een smart-, head- of growbar dan wel –shop. Onder openbare inrichting wordt tevens verstaan een bij dit bedrijf behorend terras en andere aanhorigheden;
een shishabar, een smart-, head- of growbar dan wel –shop. Onder openbare inrichting wordt tevens verstaan een bij dit bedrijf behorend terras en andere aanhorigheden;
a, in samenhang met artikel 2:28, eerste lid, van de APV 2018, voor het exploiteren van een horecabedrijf. Zoals in het voorgaande is overwogen viel het aanbieden van shisha niet onder het begrip ‘rookwaren’ van artikel 2:27, onder a, van de APV. Aan eiser is geen exploitatievergunning verleend voor het exploiteren van een openbare inrichting waarin shisha wordt aangeboden op grond van artikel 2:27, onderdeel
d, in samenhang met artikel 2:28, eerste lid, van de APV 2018. De rechtbank stelt dan ook vast dat aan eiser met de exploitatievergunning geen vergunning verleend is voor het aanbieden van shisha.