ECLI:NL:RBMNE:2022:4678
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen definitieve vaststelling NOW-1 tegemoetkoming wegens onvoldoende omzetverlies
Eiseres heeft op 8 april 2020 een aanvraag ingediend voor een tegemoetkoming op grond van de NOW-1 regeling vanwege omzetverlies door coronamaatregelen. De minister heeft een voorschot toegekend, maar bij definitieve vaststelling is geconcludeerd dat eiseres geen recht heeft op een tegemoetkoming omdat het omzetverlies minder dan 20% bedroeg.
Eiseres betoogt dat bijzondere omstandigheden en het rechtvaardigheidsbeginsel een afwijking rechtvaardigen, en beroept zich op het vertrouwensbeginsel en zorgvuldigheidsbeginsel. De rechtbank oordeelt dat de NOW-1 regeling een vaste omzetverliesdrempel van 20% hanteert zonder hardheidsclausule en dat de minister ruime beleidsvrijheid heeft bij deze noodmaatregel.
De rechtbank wijst het beroep af omdat de omzetverliesdrempel terecht is toegepast, er geen toezegging was die het vertrouwensbeginsel rechtvaardigt, en de minister zorgvuldig heeft gehandeld. Ook de terugvordering van het voorschot is gerechtvaardigd gezien het doel van de regeling en het belang van zorgvuldige besteding van publieke middelen.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van de definitieve NOW-1 tegemoetkoming wordt ongegrond verklaard en het betaalde voorschot moet worden terugbetaald.