ECLI:NL:CRVB:2022:1282
Centrale Raad van Beroep
- Hoger beroep
- Rechtspraak.nl
Beoordeling subsidievaststelling NOW-1 en toepassing peildata bij looncorrectie
Appellant, eigenaar van een wasserij annex stomerij, diende een aanvraag in voor een tegemoetkoming in loonkosten op grond van de NOW-1 voor maart tot en met mei 2020. De minister verleende een voorschot en stelde later de definitieve subsidie lager vast, waarbij een correctie op de loonopgave van appellant niet werd meegenomen omdat deze na de peildata was ingediend.
De rechtbank oordeelde dat correctieberichten wel worden geaccepteerd, maar alleen indien zij vóór de peildata zijn doorgevoerd. Appellant stelde dat de regeling oneerlijk was en dat zijn correctie alsnog moest worden meegenomen. De rechtbank verwierp dit en vond dat de regeling niet in strijd was met het evenredigheidsbeginsel.
In hoger beroep bevestigde de Centrale Raad van Beroep deze uitspraak. De Raad benadrukte dat de NOW-1 een subsidieregeling is met een generiek karakter en dat de peildata zijn gekozen om fraude te voorkomen. Hoewel de strikte toepassing nadelig kan zijn, is deze niet onevenredig gezien het legitieme doel. De terugvordering van het te veel ontvangen voorschot is eveneens proportioneel en er zijn geen bijzondere omstandigheden om hiervan af te wijken.
Uitkomst: De subsidievaststelling zonder rekening te houden met de na de peildata ingediende looncorrectie wordt bevestigd en het te veel betaalde voorschot moet worden terugbetaald.