ECLI:NL:RBMNE:2022:485
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bevestiging sluiting woning wegens betrokkenheid bij drugshandel
Eisers, huurders van een woning waar drugs werden aangetroffen, stelden beroep in tegen het besluit van de burgemeester om de woning voor drie maanden te sluiten. De politie vond 25,66 gram cocaïne en €5.500,- contant geld in de woning, en eiser werd in verband gebracht met drugshandel vanuit de woning.
De rechtbank oordeelde dat eisers voldoende belang hadden bij de procedure vanwege het inbreuk maken op hun woonrecht. De burgemeester had de bevoegdheid om de woning te sluiten en heeft dit in redelijkheid gedaan, gelet op de handelshoeveelheid drugs en de betrokkenheid van de woning bij drugshandel, ook al was er geen sprake van recidive of directe overlast.
Eisers voerden aan dat de sluiting niet noodzakelijk en niet evenredig was, mede vanwege de aanwezigheid van hun minderjarige autistische zoon en de zwangerschap van eiseres. De rechtbank vond echter dat de burgemeester voldoende rekening had gehouden met deze omstandigheden en dat de sluiting proportioneel was, mede omdat de woning aan het drugscircuit moest worden onttrokken.
De rechtbank veroordeelde verweerder tot vergoeding van de proceskosten en griffierecht en verklaarde het beroep ongegrond.
Uitkomst: Het beroep tegen de sluiting van de woning wordt ongegrond verklaard en de sluiting blijft gehandhaafd.