ECLI:NL:RBMNE:2022:6054
Rechtbank Midden-Nederland
- Proceskostenveroordeling
- Rechtspraak.nl
Herziening en terugvordering bijstand wegens schending inlichtingenplicht; onkostenvergoeding vrijwilligerswerk niet als inkomen
Eiser ontving bijstand vanaf februari 2020. Verweerder herzag het recht op bijstand en vorderde terugbetaling wegens niet-gemelde stortingen van derden en contante bedragen op eisers bankrekening. Eiser stelde dat sommige bedragen onkostenvergoedingen voor mantelzorg en vrijwilligerswerk betroffen en niet als inkomen moesten worden aangemerkt.
De rechtbank oordeelde dat eiser zijn inlichtingenplicht had geschonden door deze inkomsten niet te melden. De intrekking van bijstand over juli en september 2020 wegens onduidelijkheid over opbrengsten schilderijenverkoop was terecht. De herziening wegens bedragen van ouders was ook gegrond, omdat eiser onvoldoende aannemelijk maakte dat deze gelden volledig voor boodschappen waren gebruikt.
Wel werd geoordeeld dat de onkostenvergoeding voor vrijwilligerswerk niet als inkomen kon worden aangemerkt. Verweerder moest het teruggevorderde bedrag met €507,84 verminderen en een nieuw besluit nemen. De rechtbank vernietigde het bestreden besluit voor zover het de onkostenvergoeding betrof, wees het beroep gegrond en veroordeelde verweerder tot vergoeding van griffierecht en proceskosten.
Uitkomst: Beroep gegrond verklaard; besluit vernietigd voor onkostenvergoeding vrijwilligerswerk en terugvordering verminderd met €507,84.