De werknemer trad in december 2019 in dienst bij de werkgever, een IT-bedrijf, met een concurrentie- en relatiebeding in zijn arbeidsovereenkomst. De werknemer kreeg een aanbod van een concurrent en wilde overstappen, maar de werkgever hield hem aan het concurrentiebeding.
De werknemer vorderde in kort geding schorsing van het concurrentiebeding en subsidiair een vergoeding vanwege het loonverschil. De werkgever stelde dat het beding gehandhaafd moest blijven vanwege vertrouwelijke kennis en het belang bij het behalen van een belangrijke status binnen een partnernetwerk.
De rechter oordeelde dat het concurrentiebeding bedoeld is ter bescherming van het bedrijfsdebiet en niet om werknemers te binden. De werkgever kon onvoldoende aantonen dat de werknemer over vertrouwelijke informatie beschikte die de bedrijfspositie zou schaden. De belangenafweging leidde tot schorsing van het concurrentiebeding, terwijl het relatiebeding gehandhaafd bleef. De werkgever werd veroordeeld in de proceskosten.