Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
en [verzoeker 2] B.V .(verzoeker 2), uit [plaats] , verzoekers
Rechtbank Midden-Nederland
Op 3 oktober 2023 werd een bedrijfspand en woning in Almere beschoten, waarna de burgemeester een noodbevel gaf tot sluiting van het pand voor zes weken op grond van artikel 172, derde lid, en artikel 175 van Pro de Gemeentewet. Verzoekers, eigenaren van het pand, maakten bezwaar en vroegen om een voorlopige voorziening omdat de sluiting ernstige financiële gevolgen heeft en de bedrijfsvoering wordt belemmerd.
De voorzieningenrechter oordeelt dat er sprake is van een spoedeisend belang vanwege het verlies van inkomsten en de impact op andere vestigingen. Hoewel de dader van de beschieting in voorarrest zit, is het onderzoek nog gaande en is niet uitgesloten dat er nieuwe wanordelijkheden ontstaan. De burgemeester mocht daarom het noodbevel geven.
De voorzieningenrechter stelt vast dat het noodbevel voldoet aan de eisen van proportionaliteit en subsidiariteit, mede gezien de ernst van het incident en het beperkte tijdsbestek van de sluiting. Het algemeen belang van veiligheid weegt zwaarder dan het belang van verzoekers. Het verzoek om voorlopige voorziening wordt daarom afgewezen.
Uitkomst: Het verzoek om voorlopige voorziening tegen het noodbevel tot sluiting van het bedrijfspand wordt afgewezen vanwege de proportionaliteit en het algemeen belang van veiligheid.