Uitspraak
RECHTBANK MIDDEN-NEDERLAND
1.De procedure
2.Het geschil
€ 25.000,- per dag met een maximum van € 5.000.000;
Rechtbank Midden-Nederland
De Stichting Brancheplatform Kappers (BPK), bestaande uit sociale partners, vorderde in kort geding dat het pensioenfonds en TKP verplicht worden een drempelregeling in te voeren voor de pensioenregeling in de kappersbranche. Dit vanwege de wetswijziging die de aanvangsleeftijd voor pensioenopbouw verlaagde en de noodzaak tot aanpassing van de regeling.
BPK stelde dat het pensioenfonds en TKP onwil vertoonden en onvoldoende onderzoek deden naar de uitvoerbaarheid van de drempelregeling. Het pensioenfonds en TKP betwistten dit en stelden dat de drempelregeling per 1 januari 2024 niet uitvoerbaar is en risico’s voor een beheerste en integere bedrijfsvoering met zich meebrengt.
De kantonrechter oordeelde dat het pensioenfonds een belangenafweging moest maken die slechts marginaal getoetst kan worden. Uit de stukken bleek dat het pensioenfonds en TKP meerdere malen gemotiveerd hebben aangegeven waarom de drempelregeling niet uitvoerbaar is. BPK heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat er sprake is van onwil of onvoldoende onderzoek.
Daarom werden de vorderingen afgewezen, inclusief de gevorderde dwangsommen en het verzoek tot regie door een onafhankelijke voorzitter. BPK werd veroordeeld tot betaling van de proceskosten van beide partijen.
Uitkomst: De vorderingen van de sociale partners tot invoering van een drempelregeling worden afgewezen.