Uitspraak
uitspraak van de enkelvoudige kamer van 26 april 2024 in de zaak tussen
[eiser] , uit [woonplaats] , eiser
de Raad van bestuur van het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen
Inleiding
Beoordeling door de rechtbank
,aannemelijk is dat eiser in de periode waarin hij een ZW- en WW-uitkering en de toeslagen ontving, heeft gehandeld in auto’s. Eiser is er niet in geslaagd met tegenbewijs, berustend op objectieve en verifieerbare gegevens, aannemelijk te maken dat hij dat niet heeft gedaan en/of daar geen inkomsten mee heeft verdiend.