ECLI:NL:RBMNE:2024:6058
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke beoordeling procesbelang en schadevergoeding in handhavingszaak bouwbesluit
In deze bestuursrechtelijke zaak heeft eiser beroep ingesteld tegen een handhavingsbesluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Bunschoten met betrekking tot overtredingen van het Bouwbesluit 2012 op een terrein met meerdere panden. De rechtbank heeft in een eerdere tussenuitspraak geoordeeld dat het college terecht een last onder dwangsom heeft opgelegd om de overtreding te beëindigen door het terrein af te zetten, zonder dat sloop van de panden noodzakelijk was.
Het college heeft vervolgens een aanvullende motivering gegeven en gesteld dat de panden inmiddels zijn gesloopt na verlening van een omgevingsvergunning, waardoor het oorspronkelijke gebrek in het besluit is hersteld. De rechtbank heeft het onderzoek gesloten zonder nadere zitting.
De rechtbank beoordeelt vervolgens of eiser nog procesbelang heeft bij het beroep. Nu de panden zijn gesloopt en het terrein geëgaliseerd, is het doel van het beroep bereikt en ontbreekt procesbelang. Ook het verzoek om schadevergoeding wegens waardevermindering en immateriële schade wordt afgewezen wegens gebrek aan voldoende onderbouwing en omdat de gevraagde vergoeding het bestuursrechtelijke maximum van € 25.000,- overschrijdt. De rechtbank draagt het college op het betaalde griffierecht aan eiser te vergoeden en verklaart het beroep niet-ontvankelijk.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang en de rechtbank verklaart zich onbevoegd tot kennisneming van het schadeverzoek.