ECLI:NL:RBMNE:2024:7092
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing beroep tegen afwijzing WIA-uitkering wegens juiste medische beoordeling
Eiseres meldde zich ziek in april 2021 en vroeg in januari 2023 een WIA-uitkering aan. Het UWV wees dit af omdat zij volgens medische beoordeling 0% arbeidsongeschikt was. Na bezwaar en beroep handhaafde het UWV dit besluit, waarbij de arbeidsongeschiktheid werd vastgesteld op 12,67%.
Eiseres voerde aan dat haar beperkingen, zoals door haar fysiotherapeut beschreven, onvoldoende waren meegenomen in de functionele mogelijkhedenlijst (FML). De rechtbank oordeelde dat de verzekeringsarts bezwaar en beroep een zorgvuldige en onderbouwde medische beoordeling had gegeven, waarbij alle relevante beperkingen waren meegenomen. De fysiotherapeut is geen arts en diens verklaring bood onvoldoende medische onderbouwing voor extra beperkingen.
Ook de arbeidsdeskundige had functies passend geacht, waaronder de functie van huishoudelijk medewerker gebouwen, ondanks enkele risico's. Het verzoek van eiseres om een onafhankelijke deskundige werd afgewezen omdat er geen twijfel bestond over de juistheid van de medische beoordeling. Het beroep werd ongegrond verklaard, en eiseres kreeg geen proceskostenvergoeding.
Uitkomst: Het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar WIA-uitkering wordt ongegrond verklaard.