ECLI:NL:RBMNE:2025:1591
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Rechtbank matigt bestuurlijke boetes voor overtredingen Wav, Atw en Wml bij schoonmaakbedrijf
De minister legde aan eiseres, een schoonmaakbedrijf, meerdere bestuurlijke boetes op wegens overtredingen van de Wet arbeid vreemdelingen (Wav), Arbeidstijdenwet (Atw) en Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml). De boetes betroffen het niet beschikken over de juiste tewerkstellingsvergunningen voor drie vreemdelingen, het niet registreren van arbeids- en rusttijden en het niet verstrekken van loon- en urenadministratie.
Eiseres betwistte onder meer haar werkgeverschap ten aanzien van vreemdeling 2 en de mate van verwijtbaarheid. De rechtbank oordeelde dat eiseres wel degelijk als werkgever kan worden aangemerkt, ook voor vreemdeling 2, omdat zij het verrichten van arbeid mogelijk maakte en toezicht had moeten houden. De rechtbank bevestigde dat er sprake was van een gezagsverhouding en dat de administratieve verplichtingen uit de Atw en Wml waren overtreden.
De rechtbank matigde de boetes voor vreemdeling 2 en 3 op grond van de Wav naar € 4.000,- per overtreding, gelijk aan de boete voor vreemdeling 1. Daarnaast matigde zij de boetes voor de Atw en Wml met 25% vanwege de hoge mate van samenhang tussen de overtredingen. Ook matigde de rechtbank de boetes wegens overschrijding van de redelijke termijn. De totale boetes werden vastgesteld op € 7.600,- (Wav), € 7.614,- (Atw) en € 17.100,- (Wml). De waarschuwing preventieve stillegging werd gehandhaafd. De minister werd veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De rechtbank matigt de bestuurlijke boetes en bevestigt het werkgeverschap van eiseres, terwijl de waarschuwing preventieve stillegging gehandhaafd blijft.