ECLI:NL:RBMNE:2025:5711
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- M. Coenen
- Rechtspraak.nl
Niet-ontvankelijkheid beroep wegens ontbreken procesbelang bij WIA-geschiktheidsoordeel
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het oordeel van het UWV dat hij op 2 juli 2024 niet geschikt was voor zijn eigen werk als vrachtwagenchauffeur, terwijl hij geen WIA-uitkering wil maar wil blijven werken. De rechtbank oordeelt dat eiser geen procesbelang heeft omdat zijn dienstverband per 1 augustus 2025 is beëindigd, waardoor een oordeel over zijn geschiktheid voor die functie feitelijk geen betekenis meer heeft.
De rechtbank benadrukt dat een algemeen geschiktheidsoordeel voor de functie van vrachtwagenchauffeur niet met deze procedure kan worden bereikt, omdat het geschiktheidsoordeel altijd betrekking heeft op de functie bij de specifieke werkgever. Eiser erkent dat het hem om een principiële kwestie gaat, maar de rechter is niet bevoegd om louter principiële kwesties te beoordelen.
Ook een mogelijk toekomstig belang bij een eventuele toekomstige WIA-aanvraag wordt onvoldoende actueel geacht om ontvankelijkheid te rechtvaardigen. Het beroep wordt daarom niet-ontvankelijk verklaard en de rechtbank beoordeelt de zaak niet inhoudelijk. Eiser krijgt geen griffierecht of proceskostenvergoeding terug.
Uitkomst: Het beroep wordt niet-ontvankelijk verklaard wegens ontbreken van procesbelang omdat het dienstverband is beëindigd en het geschiktheidsoordeel geen actuele betekenis meer heeft.