De werkgever verzoekt ontbinding van de arbeidsovereenkomst met de werknemer wegens disfunctioneren en subsidiair een verstoorde arbeidsverhouding. De werknemer betwist dit en voert aan dat het verbeterplan en het ontbindingsverzoek een sanctie zijn vanwege zijn melding over het sanctiebeleid en zijn klokkenluidersmelding.
De kantonrechter stelt vast dat de werknemer inderdaad een melding heeft gedaan bij het Huis voor Klokkenluiders en DNB, waardoor het benadelingsverbod van toepassing is. Echter, de werkgever heeft voldoende bewijs geleverd dat er geen causaal verband bestaat tussen de melding en het ontbindingsverzoek. De klachten over functioneren dateren van vóór de melding en zijn afkomstig van meerdere medewerkers.
De kantonrechter oordeelt dat er geen redelijke grond is voor ontbinding wegens disfunctioneren, omdat het verbetertraject niet is afgerond en verbetering mogelijk leek. Wel is er sprake van een ernstige en duurzame verstoring van de arbeidsrelatie, waardoor ontbinding op die grond gerechtvaardigd is. Herplaatsing is niet mogelijk en de arbeidsovereenkomst wordt ontbonden per 1 december 2025.
Het tegenverzoek van de werknemer tot vaststelling van geen wangedrag en erkenning van onrechtmatig handelen wordt afgewezen. De werknemer heeft recht op de wettelijke transitievergoeding. Verzoeken om inzage in IT-systemen en documenten worden afgewezen wegens onvoldoende belang en onbepaaldheid. Partijen dragen ieder hun eigen proceskosten.