De Stichting Protestants Christelijk Onderwijs heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat het bestuursorgaan niet tijdig heeft beslist op haar bezwaar tegen een besluit van 16 april 2025.
De rechtbank stelt vast dat het UWV de ingebrekestelling van 15 januari 2026 heeft ontvangen en sindsdien de wettelijke beslistermijn is verstreken. Op grond van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) is het bestuursorgaan verplicht een dwangsom te betalen voor elke dag dat het in gebreke blijft, met een maximum van 42 dagen. De rechtbank bepaalt dat de volledige dwangsom van € 1.442,- verschuldigd is.
Verder bepaalt de rechtbank dat het UWV binnen vier maanden na verzending van deze uitspraak alsnog een besluit moet nemen, gelet op de door het UWV aangevoerde omstandigheden zoals het tekort aan verzekeringsartsen. Voor elke dag dat deze termijn wordt overschreden, geldt een dwangsom van € 100,- met een maximum van € 15.000,-.
De rechtbank verklaart het beroep gegrond en veroordeelt het UWV tot betaling van het griffierecht van € 397,- en proceskosten van € 467,- aan eiseres. De uitspraak is gedaan door rechter J. Wolbrink op 28 april 2026.