Stichting Protestants Christelijk Onderwijs heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat het UWV niet tijdig heeft beslist op een bezwaar over een WIA-uitkering. De rechtbank stelt vast dat het bezwaar op 25 maart 2025 is ingediend en dat het UWV te laat is met de beslissing, wat ook door het UWV wordt erkend. Na ontvangst van een ingebrekestelling op 10 februari 2026 en het verstrijken van de wettelijke termijn, is het beroep op 26 februari 2026 ingesteld.
De rechtbank legt uit dat het bestuursorgaan een dwangsom moet betalen bij te late beslissingen, met een maximum van 42 dagen. Hoewel het UWV de dwangsom niet formeel heeft vastgesteld, bepaalt de rechtbank deze op het maximale bedrag van €1.442,-. Omdat het UWV nog geen besluit heeft genomen, wordt een termijn van vier maanden gesteld waarbinnen het UWV alsnog moet beslissen, mede vanwege een tekort aan verzekeringsartsen.
Verder wordt het UWV veroordeeld tot betaling van een dwangsom van €100,- per dag voor elke dag dat de nieuwe termijn wordt overschreden, met een maximum van €15.000,-. Ook moet het UWV het griffierecht van €397,- en proceskosten van €467,- aan eiseres vergoeden. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en verklaart het beroep gegrond.