ECLI:NL:RBMNE:2026:4825
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen niet tijdig beslissen herbeoordeling arbeidsongeschiktheid WIA
Eiser heeft beroep ingesteld tegen het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen (UWV) omdat deze niet tijdig heeft beslist op zijn verzoek om herbeoordeling van arbeidsongeschiktheid op grond van de WIA. De rechtbank had eerder op 17 juli 2025 een termijn gesteld waarbinnen het UWV moest beslissen, maar deze termijn is verstreken zonder dat een besluit is genomen.
De rechtbank overweegt dat het UWV vanwege een tekort aan verzekeringsartsen niet binnen de gestelde termijn heeft kunnen beslissen en stelt daarom een nieuwe beslistermijn van twee maanden vast, aansluitend bij eerdere jurisprudentie. Tevens wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd voor elke dag dat de termijn wordt overschreden, met een maximum van € 15.000.
De rechtbank wijst erop dat de verbeurde dwangsom niet automatisch wordt uitbetaald en dat eiser zich tot de civiele rechter moet wenden indien betaling uitblijft. Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van proceskosten en griffierecht aan eiser. Het beroep wordt gegrond verklaard en het niet tijdig beslissen vernietigd.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het UWV wordt opgedragen binnen twee maanden alsnog te beslissen met oplegging van een dwangsom en vergoeding van proceskosten.