ECLI:NL:RBMNE:2026:4869
Rechtbank Midden-Nederland
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over niet tijdig beslissen op bezwaar tegen UWV-besluit
Eiseres heeft bezwaar gemaakt tegen een besluit van het UWV van 10 juni 2025 en dit bezwaar ingediend op 16 juli 2025. Verweerder heeft niet tijdig op dit bezwaar beslist, wat onomstreden is. Eiseres heeft vervolgens een ingebrekestelling gestuurd, waarna zij op 15 april 2026 beroep instelde bij de rechtbank.
De rechtbank oordeelt dat verweerder alsnog binnen een redelijke termijn moet beslissen. Gezien de omstandigheden, waaronder een tekort aan verzekeringsartsen, stelt de rechtbank een termijn van twee maanden vast voor het nemen van het besluit. Tevens wordt een dwangsom van € 100 per dag opgelegd bij overschrijding, met een maximum van € 15.000.
Daarnaast wordt verweerder veroordeeld tot betaling van de proceskosten van eiseres en het griffierecht. De rechtbank vernietigt het niet tijdig genomen besluit en draagt verweerder op binnen de gestelde termijn alsnog een besluit te nemen.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep gegrond en legt een termijn van twee maanden op voor het alsnog beslissen, met een dwangsom bij overschrijding.