Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.De procedure
2.De beoordeling
- € 6.443,00per maand aan rente- en aflossingsverplichtingen op diverse leningen die verband houden met de financiering van de echtelijke woning (inclusief verkoopverlies van de woning aan het adres [adres] );
- € 1.136,83per maand aan rente op de lening bij [bv] van € 389.783,00;
- € 1.611,00per maand aan rente op de rekening-courantschuld bij [bv] van € 663.374,00, die is aangegaan ten behoeve van de financiering van de huishoudelijke kosten;
- € 1.000,00per maand aan aflossing op de rekening-courantschuld bij [bv] van € 32.793,00, ter voldoening van belastingschuld, advocaatkosten, partnerbijdrage en huishoudelijke kosten;
- € 240,00per maand aan rente op een lening van € 60.000,00 bij de heer [naam] ;
- € 1.800,00per maand aan kosten van de kinderen;
- bijstandsnorm alleenstaande.
gezamenlijkeleningen:
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] , ter hoogte van € 200.706,00;
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] , ter hoogte van € 100.427,49;
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] , ter hoogte van € 193.160,00;
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] ter hoogte van € 199.993,34;
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] , ter hoogte van € 136.134,06;
- Hypothecaire geldlening [bank] nummer [nummer] , ter hoogte van € 121.265,68:
- Lening bij [bv] ter hoogte van € 389.783,21, voor de bouw van de woningen aan [adres] en de [adres] .
op naam van de man:
- Lening bij de heer [naam] van € 60.000,00 voor de afbouwkosten van de woning aan de [adres] ;
- Lening van € 150.000,00 bij zijn ouders voor de aankoop van extra grond en de verbouwingen van de woning aan de [adres] . De hoogte van de schuld is thans € 130.000,00;
- Rekening-courantschuld bij [bv] van € 32.793,00;
- Rekening-courantschuld bij [bv] van € 663.374,00.
- de helft van het aan de man in 2014 uitgekeerde dividend van € 60.000,00 te vermeerderen met de wettelijke rente;
- de helft van de waarde van de [merk] ter waarde van € 80.000,00 te vermeerderen met wettelijke rente en te verminderen met de helft van de waarde van de [merk] van de vrouw;
- de helft van de waarde van de aandelen van [bv] , waarvan de waarde zal worden getaxeerd door een door de rechtbank te benoemen deskundige.
- de vrouw te bevelen de bewijsstukken te overleggen waaruit de saldi blijken van de op haar naam staande bankrekening(en) per peildatum, alsmede de hoogte van deze te verrekenen banksaldi vast te stellen en deze te betrekken bij het te verrekenen vermogen;
- ten aanzien van de partijen genoegzaam bekende [merk] , te bepalen dat de vrouw een bedrag van € 225,00 aan de man dient te voldoen.
3.De beslissing
uiterlijk op 21 september 2016:
tot uiterlijk 19 oktober 2016in de gelegenheid om te reageren op de door de vrouw onder 3.11 genoemde in te dienen afschriften;
tot 19 oktober 2016 pro forma.