Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
1.Het procesverloop
2.De feiten
3.Het verzoek
.
Rechtbank Noord-Holland
Werknemer is op staande voet ontslagen door de werkgeefster vanwege herhaaldelijke weigering om redelijke instructies op te volgen, waaronder het verwijderen van illegale aquaria en het sluiten van een hek. Ondanks meerdere waarschuwingen en termijnen heeft werknemer niet voldaan aan deze instructies.
Werknemer betwistte de rechtsgeldigheid van het ontslag op formele gronden, waaronder een vermeend niet correct samengesteld bestuur en het ontbreken van instemming van de algemene ledenvergadering. Ook voerde hij aan dat de gedragingen geen dringende reden vormden.
De kantonrechter oordeelde dat het feit dat het bestuur uit drie leden bestond in plaats van vijf de rechtsgeldigheid van het ontslagbesluit niet aantast. Tevens is vastgesteld dat werknemer zich schuldig heeft gemaakt aan hardnekkige weigering om redelijke bevelen op te volgen, wat een dringende reden voor ontslag op staande voet oplevert.
De persoonlijke omstandigheden van werknemer en de lange diensttijd doen niet af aan de geldigheid van het ontslag. Het primaire verzoek tot vernietiging van het ontslag en loondoorbetaling wordt afgewezen, evenals de subsidiaire verzoeken tot billijke en transitievergoeding. De proceskosten worden aan werknemer opgelegd.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is rechtsgeldig verklaard en het verzoek tot vernietiging en vergoeding is afgewezen.