Uitspraak
RECHTBANK NOORD-HOLLAND
Pro Control Process Automation B.V.
Rechtbank Noord-Holland
In deze zaak vordert de werknemer de vernietiging van de vaststellingsovereenkomst die de beëindiging van zijn arbeidsovereenkomst regelt, op grond van dwaling. Hij stelt dat de werkgever hem niet heeft geïnformeerd over het voornemen om een andere werknemer aan te nemen voor zijn functie, waardoor hij de overeenkomst onder een verkeerde voorstelling van zaken heeft gesloten.
De kantonrechter beoordeelt dat er geen sprake is van bedrog en richt zich op de subsidiaire grond van dwaling. De werknemer heeft onvoldoende feiten aangevoerd waaruit blijkt dat de werkgever op het moment van het sluiten van de overeenkomst de intentie had om een andere werknemer aan te nemen. Ook de overgelegde Whatsapp-berichten ondersteunen dit niet.
Verder is vastgesteld dat de functie van de werknemer daadwerkelijk is komen te vervallen en dat de werknemer bekend was met de wederindiensttredingsvoorwaarde bij ontslag wegens bedrijfseconomische redenen. De kantonrechter concludeert dat er geen dwaling is en wijst de vordering af. De werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten en de wettelijke rente daarop.
Uitkomst: De vordering tot vernietiging van de vaststellingsovereenkomst en loonbetaling wordt afgewezen.