Een werknemer, sinds 5 juli 2023 arbeidsongeschikt, vordert loonbetaling nadat haar werkgever per 1 oktober 2023 een loonstop heeft doorgevoerd wegens vermeende onvoldoende medewerking aan re-integratie. De werkgever stuurde een concept plan van aanpak, maar de werknemer stuurde haar commentaar per vergissing naar de bedrijfsarts in plaats van naar de werkgever. Uiteindelijk ondertekende de werknemer het plan van aanpak op 22 november 2023.
De kantonrechter oordeelt dat de werknemer voldoende heeft meegewerkt aan het opstellen van het plan van aanpak en dat de loonstop daarom onterecht is. De vordering tot betaling van achterstallig loon over oktober en november 2023, alsmede doorbetaling van loon tot het einde van de arbeidsovereenkomst, wordt toegewezen. Tevens wordt de werkgever veroordeeld tot betaling van wettelijke rente, een gematigde wettelijke verhoging, loonspecificaties, buitengerechtelijke incassokosten en proceskosten.
De uitspraak benadrukt dat loonbetaling tijdens arbeidsongeschiktheid verplicht is, tenzij de werknemer zonder deugdelijke grond weigert mee te werken aan re-integratie. De foutieve communicatie van de werknemer wordt niet als weigering aangemerkt. De uitspraak is uitvoerbaar bij voorraad en bevat een dwangsom voor het niet verstrekken van loonspecificaties.