Uitspraak
Geschil2. In geschil is de waarde van de woning op de waardepeildatum 1 januari 2021 (hierna: de waardepeildatum).
Geschil4. In geschil is de waarde van de woning op de waardepeildatum 1 januari 2021 (hierna: de waardepeildatum).
- de waarde van de woning is niet gebaseerd op de waarde in het economische verkeer. Eiser heeft de woning niet in volledige eigendom, maar is via een lidmaatschap van een vereniging gebruiker van de woning. Hiermee gaan de nodige beperkingen gepaard die invloed hebben op de verkoopwaarde;
- de stijging van de WOZ waarde ten opzichte van het voorgaande belasting jaar is niet te verklaren of te begrijpen;
- de door verweerder gehanteerde vergelijkingsobjecten zijn niet vergelijkbaar met de woning. De vergelijkingsobjecten zijn, in tegenstelling tot de woning, in volledige eigendom overgedragen, en mogen en kunnen het hele jaar worden bewoond.
- eiser betaalt jaarlijks kosten voor het lidmaatschap aan de [bedrijf] en moet zich houden aan het huishoudelijk reglement. Hierdoor kan niet zomaar iets aan de woning worden veranderd of bijgebouwd;
- verweerder heeft onvoldoende rekening gehouden met de staat van onderhoud van de woning. De woning is gedateerd en de houten balken onder de vloer vertonen sporen van verrotting, en
- de WOZ-waarde van [adres 2] is voor belastingjaar 2020 verlaagd van
artikel 16, aanhef en onderdeel a, van de Wet WOZ. De ondergrond is voorts aan te merken als ongebouwd eigendom in de zin van artikel 16, aanhef en onderdeel b, van de Wet WOZ. De ondergrond is in eigendom van [bedrijf] ., zodat zij door natrekking tevens eigenaar van de woning is. Zowel de ondergrond als de woning zijn bij eiser in gebruik. Naar het oordeel van de rechtbank behoren de woning en de ondergrond bij elkaar en is sprake van een samenstel als bedoeld in artikel 16, aanhef en onderdeel d, van de Wet WOZ.
€ 98.000 niet te hoog is.
[adres 8] niet kunnen dienen als vergelijkingsobject. Deze objecten zijn namelijk verkocht op respectievelijk 1 oktober 2022 en 20 december 2019, en deze transactiedata liggen te ver van de waardepeildatum af.
- verklaart het beroep gegrond;
- vernietigt de uitspraak op bezwaar;
- vermindert de bij beschikking vastgestelde waarde van de woning per de waardepeildatum tot € 82.000;
- bepaalt dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar, en
- draagt verweerder op het betaalde griffierecht van € 50 aan eiser te vergoeden.
mr. E.M. Mensink, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op
6 februari 2024.