Uitspraak
1.[gedaagde] ,
2. de besloten vennootschap
Tandartspraktijk Drechterland B.V.,
1.Het verdere procesverloop
2.De verdere beoordeling van het geschil
gewerktedagen in dat jaar. Bij een ziekte langer dan drie weken wordt de fictieve omzet berekend door de omzet van [eiser] in het voorgaande jaar te delen door het aantal
werkbaredagen in dat jaar. [eiser] heeft verwezen naar e-mailberichten van 21 en 26 mei 2020 van [plaats 2] . In die berichten is te lezen dat [plaats 2] bevestigt dat de wijze van berekening zoals door [eiser] is gedaan klopt en dat over 2020 inderdaad een bedrag van € 1.192,- aan fictieve omzet per dag aangehouden moet worden. [plaats 2] heeft die afspraak op zich niet betwist, maar aangevoerd dat [eiser] telkens uitgaat van onjuiste aantallen werkbare dagen. [eiser] heeft zijn vordering uitgesplitst naar 4 periodes (over 2020; over de periode januari t/m mei 2021; over de periode juni t/m december 2021; over 2022 en over 2023, tot en met mei). Deze periodes zullen hierna besproken worden.