Uitspraak
2.De beoordeling
De kantonrechter wijst de eisende partij erop dat het ontbreken van een dergelijke onderbouwing in eventuele vervolgzaken [2] kan leiden tot afwijzing van de vordering.
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Noord-Holland
In deze bodemzaak heeft de kantonrechter verstek verleend tegen de gedaagde partij en beoordeelt ambtshalve de naleving van precontractuele en contractuele informatieplichten bij een overeenkomst op afstand tussen een handelaar en consument.
De eisende partij, een kinderopvangorganisatie, heeft onvoldoende onderbouwd dat zij de consument voorafgaand aan het sluiten van de overeenkomst duidelijk heeft geïnformeerd over het wettelijk herroepingsrecht zoals vereist in artikel 6:230m lid 1 onder h BW. Ook in de overeenkomst ontbreekt duidelijke informatie over dit herroepingsrecht. De kantonrechter oordeelt dat dit een schending van essentiële informatieplichten inhoudt.
Gelet op jurisprudentie van het Hof van Justitie en de Hoge Raad moet aan dergelijke schendingen een passende sanctie worden verbonden die doeltreffend, afschrikwekkend en evenredig is. Daarom vernietigt de kantonrechter de overeenkomst gedeeltelijk en legt een sanctie op van 10% van de hoofdsom.
Daarnaast beoordeelt de kantonrechter ambtshalve de toepasselijkheid en redelijkheid van de algemene voorwaarden, waaronder incassobedingen die eerder als oneerlijk zijn aangemerkt en daarom worden afgewezen. De vordering wordt uiteindelijk gedeeltelijk toegewezen tot een bedrag van € 6.044,05, vermeerderd met wettelijke rente vanaf 12 september 2024, en de gedaagde wordt veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De gedaagde wordt veroordeeld tot betaling van € 6.044,05 met wettelijke rente en proceskosten, met een sanctie van 10% gedeeltelijke vernietiging wegens schending van informatieplicht herroepingsrecht.