De rechtbank Noord-Holland heeft op 24 juli 2025 uitspraak gedaan in het bestuursrechtelijke geschil tussen Coöperatie Mobilisation for the Environment (MOB) en gedeputeerde staten van Noord-Holland over de herroeping van een natuurvergunning aan Circuit Park Zandvoort B.V. (CPZ) en de gelijktijdige afwijzing van een nieuwe aanvraag om een natuurvergunning.
Het college had in 2019 een natuurvergunning verleend aan CPZ, maar deze vergunning is in 2024 herroepen na een uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State die bepaalde dat het college destijds niet bevoegd was om de vergunning te verlenen. Het college weigerde vervolgens de nieuwe aanvraag omdat deze niet betrekking had op een nieuw project.
MOB stelde dat de gewijzigde activiteiten een nieuw project vormden waarvoor een nieuwe vergunningplicht gold, mede naar aanleiding van gewijzigde jurisprudentie over intern salderen. De rechtbank oordeelde echter dat de wijzigingen geen wezenlijk ander project vormden, maar een voortzetting van het bestaande project met continuïteit en identiteit. Daarom was de herroeping van de vergunning en de weigering van de nieuwe aanvraag terecht.
Verder wees de rechtbank het verzoek van MOB om vergoeding van proceskosten af, omdat de herroeping niet het gevolg was van een aan het college toe te rekenen onrechtmatigheid, maar van een rechtspraakwijziging. Ook werd het verwijt van strijd met goede proceseconomie verworpen omdat de besluiten afzonderlijk genomen mochten worden en de beroepen gezamenlijk behandeld werden.
De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond, waardoor het bestreden besluit in stand blijft en MOB geen griffierecht of kostenvergoeding ontvangt.