Uitspraak
Rechtbank noord-holland
uitspraak van de meervoudige douanekamer van 15 januari 2026 in de zaak tussen
[eiseres] B.V., gevestigd te [vestigingsplaats] , eiseres
de inspecteur van de Douane, verweerder.
Inleiding en procesverloop
Feiten
1. Controleopdracht
(..)
Geschil
Beoordeling door de rechtbank
Conclusie en gevolgen
15 januari 2026. Een bijzondere omstandigheid die verlenging van de redelijke termijn rechtvaardigt, is gesteld noch gebleken. De voor de procedure in eerste aanleg in aanmerking te nemen termijn bedraagt dus afgerond 109 maanden. De redelijke termijn is daarom overschreden met afgerond 85 maanden. Daarmee correspondeert een vergoeding van immateriële schade van € 7.500.