ECLI:NL:HR:2021:995
Hoge Raad
- Cassatie
- Rechtspraak.nl
Hoge Raad bevestigt beperkte inzagerecht inspecteur in strafdossier bij belastingheffing
Belanghebbende werd na een strafrechtelijk onderzoek naar fraude met kinderopvangtoeslag veroordeeld voor medeplegen van oplichting en andere strafbare feiten. Op basis van het strafdossier legde de Belastingdienst navorderingsaanslagen en boetes op.
Belanghebbende stelde dat de inspecteur het volledige strafdossier had moeten overleggen conform artikel 8:42, lid 1, Awb. Het Hof verwierp dit en oordeelde dat de inspecteur alleen stukken hoefde te overleggen die hem ter beschikking stonden en relevant waren, waarbij de selectie door de FIOD was gemaakt.
De Hoge Raad bevestigde dit oordeel en verduidelijkte dat de inspecteur als bestuursorgaan niet het gehele strafdossier van de FIOD hoeft te overleggen, maar slechts die stukken die voor de belastingheffing van belang zijn en aan hem beschikbaar zijn gesteld. Ook het zorgvuldigheidsbeginsel verplicht niet tot een volledige eigen beoordeling door de inspecteur van het strafdossier.
Het beroep in cassatie werd ongegrond verklaard en de proceskosten werden niet aan belanghebbende opgelegd.
Uitkomst: Het beroep in cassatie wordt ongegrond verklaard; de inspecteur hoeft niet het volledige strafdossier te overleggen.